Het woord van de dag wordt u vandaag aangeboden door Bloem.

dabben (onoverg.; dabde, h. gedabd) (gew.) 1 (van paarden) met de voorpoten stampen 2 graven, wroeten: in de grond dabben;- (ook overg.) uitgraven: asperges dabben 3 stampen, plonzen (in water, slijk enz.) – (1569) naast dabben staat deppen, dappen (betten), vermoedelijk klanknabootsende vorming
Citaat uit den Dikke.
Weer een woord waarvan ik dacht dat het dialect was. Iemand die dabt, noemen we in het dialect trouwens een dabbèr, met de nadruk op die bèr, met een Franse accent grave. Letterlijk vertaald naar het AN zou dat dab-beer moeten zijn.
En dan zou ik nu eigenlijk het verhaal moeten vertellen van iemand die als bijnaam Den Dabbèr heeft. Die wroet ook veel. Niet in de grond. Maar zo vanachter in z'n broek. Nogal wansmakelijk. Dus ik ga het hierbij laten, oké?
Lees de artikels van Chris Dust, Dokter Wolf of Uw Moeder.
Toffe link gezien? We zetten hem op Appelogen!
Contacteer ons
Wie is wie op Appelogen?
RSS 2.0
RSS Commentaren
Appelogen op Facebook
Appelogen op Flickr
Appelogen op Twitter
Ik ben een dabbérin. And damn proud of it :)
Komt de meisjesnaam ‘Dabby’ ook van ‘dabben’?
Jup.
Hallo daar, Dabby Pfaff.