Wraak nemen
Op je ex
Banaan schillen
Op z'n Japans
Curses snel-opvouwen
T-shirt opvouwen in 2 seconden?

Ridder Roeland’s Culturele Gewelf van 2011

Liefste vrienden & vriendinnen,

2011 eindigt op een aantal cliffhangers van jewelste. Zal Kim Jong-Un een even goeie dictator blijken als zijn pa? Zal Di Rupo de druk aankunnen? Levert de Arabische lente vruchten op? Gaan die Occupy’ers eindelijk een douche nemen? Wanneer gaan de films over Luik en Noorwegen in productie? En wie gaat er mee op café op 22/12/12? Spannend hoor. Of ook niet. Want wat de onheilsprofeten en internetforumlullo’s ook mogen beweren: de wereld draait door, met of zonder ons. Soit.

Slechts drie dingen maken het allemaal draaglijk: liefde, humor en muziek. En over dat laatste had ik geen klagen dit jaar. Want wat een fantàstisch muziekjaar was 2011.

Bob Dylan. 2011 was het jaar waarin de Troubadour der Troubadours eindelijk tot mij doordrong. En hoe! Met de kracht van 12 op de schaal van Richter. En daar moest hij dan zeventig voor geworden zijn! Ik heb dit jaar bijkans naar niks anders geluisterd, lieve mensen. Bijkans! Want er zweefde wel meer moois door de ether.

De tweede muzikale revelatie was voor mij een groepje uit Aalst. Een groepje dat perfect weet hoe ik mijn popmuziek het liefst heb: dromerig, avontuurlijk, meeslepend en een tikkeltje melancholisch. Meer van dat, jongens en meisje! Verder veel lekkers van o.a. Mastodon, Black Keys en Tom Waits. En heldin PJ die de beste plaat uit haar reeds indrukwekkende carrière maakte.

Live werd ik omvergeblazen door een dwerg uit Minneapolis en 4 lelijke baardapen uit Australië. Uiterlijke schoonheid is geen must in de rock ‘n roll. Zelf stond ik ook nog eens op een podium (dank, Ward) en ik merkte hoe hard ik het gemist heb. Volgend jaar meer van dat!

De categorie “singles” is “songs” geworden. Omdat ik besef dat singles eigenlijk niet meer bestaan. En omdat er zo verdomd veel mooie liedjes werden gemaakt.

Over het filmjaar zal ik kort zijn: geen topjaar, maar toch een dikke 20 maal vuurwerk. En 5 lievelingsregisseurs lieten zich (alweer) van hun beste kant zien: Scorsese, Polanski, Woody Allen, Von Trier en de Dardennes. Op toneelgebied ruilde ik vampieren voor nazi’s. Ook leuk.

Maar. Mijn lijstjes dus. Zoals elk jaar moet je ze nemen voor wat ze zijn: lijstjes. En denk er vooral het uwe van.

En voor 2012 wens ik jullie véél liefde, humor, goeie films en massa’s mooie muziek! De nieuwe van The Hickey Underworld, bijvoorbeeld.

Hier gaan we:

Lees verder…


0 commentaren - 29.12.11 - Ridder Roeland

“The Game” - Das Pop

Een bekentenis. Ik heb mij de laatste weken onbeschroomd nostalgisch gedragen. En dat is allemaal te danken aan de werkelijk fenomenale tv-reeks “Life on Mars” en zijn al even mooie spin-off “Ashes to Ashes”. Beknopte synopsis van beide reeksen: hedendaagse agent belandt in coma en wordt wakker in respectievelijk 1973 en 1981. Met de bijbehorende soundtrack uiteraard. En omdat ik mij makkelijk laat meeslepen, haalde ik de bands in kwestie uit mijn stoffige platenkast of van de virtuele winkelschappen van Amazon.com.

En zo heb ik mij, met tranen in de ogen en kippenvel op de rest, ondergedompeld in de vette glamgitaren van Slade, Free en David Bowie. Oh god, wat is het heerlijk om over de autostrade te scheuren terwijl “Fireball” van Deep Purple door mijn krakkemikkige boxen schalt! Vervolgens laafde ik mij schaamteloos aan de gladde en mierzoete klanken van Japan, Ultravox en Roxy Music. “Over you” dient luidkeels meegebruld te worden, anders heeft het geen zin.

Nostalgie dus. Nostalgie brengt mij naadloos – jawel NAADLOOS – bij “The Game”, de gloednieuwe Das Pop. Het lijkt wel of die jongens mijn passie voor bovenvernoemde tv-reeksen en bands telekinetischerwijs opgevangen en gefilterd hebben.

Voor alle duidelijkheid: ik ben geen grote fan van Bent en de zijnen. Altijd leuke singles, dat wel, maar ook altijd meteen terug vergeten. Niks beklijvend, zie je.

Maar dan was er “The Game” en het tij keerde. Wat een fabuleus lied! Alsof de Talking Heads, The Beatles en Giorgio Moroder samen de studio inkropen! Die stemmen! Dat Afrikaanse snaargetokkel! Dat epische refrein! Die heerlijke bridge met Queen-gitaren! Meteen verkocht, uitgepakt en opgesmikkeld. Dit deed het beste verhopen voor het vervolg.

Lees verder…


0 commentaren - 10.03.11 - Ridder Roeland

De Kings of Leon zijn te snel volwassen geworden. Valt dat te betreuren? Misschien. De spontane, frisse, ongepolijste gitaarpop van hun eerste twee plaatjes komt nooit meer terug. Het keerpunt was “Because of the Times”, één van de beste cd’s van 2007. Het geluid werd weidser en grootser, maar de songs waren straffer dan ooit. Ik was fan. Het grote publiek zwichtte dankzij “Only by the Night”, een goeie maar geen overweldigende vierde. Maar jongens, wat een onwaarschijnlijk lekkere single was “Sex on Fire”!

En nu reeds is er hun vijfde worp, “Come Around Sundown”.

Eerste vaststelling na een vluchtige eerste luisterbeurt: het kabbelt allemaal voorbij, zonder dat je er erg in hebt. Dat gevoel gaat helaas niet meer weg.

Opener “The End” is vintage Kings of Leon en had zo op “Only by the Night” gekund: een lome doch doeltreffende baslijn, breed uitwaaierende gitaartjes en een groots refrein. Niets meer, niets minder.

Tweede song “Radioactive” is een ondermaatse single. Te vrijblijvende strofes en een veel te krampachtig refrein. Ze doen, helaas niet alleen in deze song, iets te hard hun best om episch te klinken. Goeie teksten, catchy riffs en pakkende refreinen worden daarbij soms vergeten.

Drie uitschieters toch: “Mary” is heerlijk losbandige fifties-bubblegumpop met knallende gitaren, “Back Down South” is uiterst meezingbare country en tevens de beste song op de plaat, en “Beach Side” is een melancholische, zomerse deun die niet had misstaan op “Rumours” van Fleetwood Mac.

De andere songs kabbelen zoals gezegd rustig voorbij. Zonder te storen, maar ook zonder al te veel indruk te maken.

Slotconclusie: een middelmatige plaat die er bij de liefhebbers van “Only by the Night” zal ingaan als zoete koek, maar even snel weer vergeten zal worden. Blijf ik fan? Ik blijf fan. Op voorwaarde dat ze zich de volgende keer stevig herpakken.

(Dit is een blogpost van gastblogger Ridder Roeland. Ook gastblogger worden?)

“Come Around Sundown” - Kings of Leon


0 commentaren - 09.11.10 - Ridder Roeland

Divine Comedy, Botanique, 28 september

The Divine Comedy is de beste en meest onderschatte band van de afgelopen 10 jaar. Ik zag ze voor het eerst op het Dour Festival in 1997 en was meteen verkocht. Vervolgens kocht ik het ep’tje “A Short Album About Love” en ik was nog verkochter. Sindsdien doe ik verwoede pogingen om hun volledige oeuvre te verzamelen. Geen sinecure, want gezien de beperkte vraag zijn hun eerste cd’s niet of moeilijk te verkrijgen. Gelukkig bestaat er zoiets als iTunes.

Waar hun muziek te situeren? Ergens tussen Burt Bacharach, Beatles, Scott Walker en de jonge Bowie. U kan hen tevens kennen van de al even onderschatte Ierse comedy-reeks “Father Ted”, waarvoor zij de soundtrack schreven. Zoals het heerlijk onnozele “My Lovely Horse”.

Lees verder…


0 commentaren - 29.09.10 - Ridder Roeland

Star Wars in Concert

Ho. Ho. Ho. Uw nederige dienaar Ridder Roeland houdt het kort en bondig deze maand. De soep en de patatten transformeren immers weldra op miraculeuze wijze in kalkoen en kerststronk, waartussen het iets moeilijker schrijven is. 25 december is slechts een deadline voor de Kerstman.

Aldus. Star Wars in Concert. De fantastische, majestueuze, Wagneriaanse uitspattingen van John Williams, die het naïeve sprookje van episodes IV tot en met VI naar een hoger niveau tilden. Ja, zelfs de kneuterige prequels waren nog enigszins draaglijk, mits men op de juiste momenten de ogen dichtkneep (lees: telkens als Hayden “nauwelijks van zijn action figure te onderscheiden” Christensen in beeld kwam) en men de oren liet vullen met de hemelse klanken van één van de beste filmcomponisten ooit.

Op 30 maart simpelweg live in het Sportpaleis. Ik zal er staan, het lichtzwaard in de aanslag. Moge de kracht van het tijdig tickets bestellen met u zijn.

Sportpaleis, Antwerpen, 30 maart

Lees verder…


1 commentaar - 19.12.09 - Ridder Roeland

Dé concerttip voor december 2009: Therapy?

“Vergane glorie, mag dat als concerttip, Moeder?” “Goed dan, als het bij deze ene keer blijft.” En zo geschiedde. Ditmaal geen ultrahippe grungy mafketels of obscure neofolkgothica’s, maar stokoude rock-’n-roll uit een grijs en onverwerkt verleden. Therapy?, mét uitroepteken.

Maar laat het duidelijk wezen: wie afhaakte na de kaskrakers “Troublegum” (’94) en “Infernal Love” (’95) had overschot van ongelijk. Therapy? bleef immers verwoed en met het vuur van zeventienjarigen aan de weg timmeren, zonder enig commercieel succes en met plaatsjes op de affiche van elke pensenkermis te Vlaanderen. De muziek bleef echter van een smerig hoog allooi, met een kleine maar uiterst trouwe schare fans als gevolg.

De mokerslag “Never Apologise Never Explain” (2004) behoort tot hun beste werk, maar ook “Suicide Pact” (’99), “High Anxiety” (2003) (met de moordsingle “If it kills me”), “One Cure Fits All” (2006) en nieuweling “Crooked Timber” (2009) misstaan niet in de betere platencollectie.

En live, lieve mensen, is Therapy? nog steeds een flinke trap onder je vastgeroeste kont. Eerlijk en recht voor de raap. Bloed, zweet, tranen en een occasionele lach.

En dankzij Sinterklaas spelen ze nu tot tweemaal toe bij jou in de buurt.

Slecht nieuws voor hen, goed nieuws voor jullie: het is nog bijlange niet uitverkocht. Dus doe je ouwe rockhart een plezier en zorg ervoor dat dit taaie trio niet voor een halflege zaal moet spelen: ze verdienen beter.

Muziekodroom, Hasselt, 5 december 2009 & CC Mechelen, 6 december 2009

Lees verder…


0 commentaren - 05.11.09 - Ridder Roeland

Jay Reatard

Jay Reatard, Botanique, 9 november 2009

Lieve mensen. Onlangs verzocht Uw Moeder mij vriendelijk doch kordaat om jullie maandelijks van een nuttige concerttip te voorzien. Met een mengeling van enthousiasme en schoorvoetendheid zei ik ja.

Daar ik net bekomen ben van een stevige (niet-exotische) infectie en tot over mijn oren in het werk en andere sociale beslommeringen zit, zal mijn allereerste bijdrage beperkt, bescheiden en beknopt blijven. Hopelijk vergeven jullie mij dat en zal het onze toekomstige schrijver-lezer-relatie niet vertroebelen.

Welnu. Jay Reatard. Een naam die mij tot voor enkele weken compleet onbekend was. Tot ik over hem las in Humo en mij vervolgens middels YouTube, MySpace en Wikipedia bijschoolde. Blijkt dat de man al een behoorlijk rijk verleden heeft in duizend bands en nevenprojecten.

En jongens, wat klinkt dat lekker! Ergens tussen zatte Beach Boys en jonge Dinosaur jr. Keteldrums, gruizelige gitaren en uitermate verslavende melodieën. En wat een leuke videoclip hoort er bij “It ain’t gonna save me”!

Ondertussen heb ik reeds blindelings mijn bestelling geplaatst bij de online platenboer. En live gaat mijnheer Reatard naar het schijnt nog net iets steviger tekeer. Geen enkele reden dus om niét naar de Botanique te gaan op 9 november.

Zo. Bedankt voor jullie aandacht, en we horen elkaar nog.

Lees verder…


0 commentaren - 07.10.09 - Ridder Roeland
Gastblogger op appelogen
Lees eens op een ander!
Lees eens een krant
Wie linkt?
Alle blogs die linken naar Appelogen: klik hier





Pagina 1 van 643: 12345678910...203040...Laatste »

Lees de artikels van Chris Dust, Dokter Wolf of Uw Moeder.

Toffe link gezien? We zetten hem op Appelogen!

Contacteer ons

Wie is wie op Appelogen?

RSS 2.0
RSS Commentaren

Appelogen op Facebook
Appelogen op Flickr
Appelogen op Twitter