Het woord van de dag wordt u vandaag aangeboden door Pietel: taffelen.
Woordenlijst.org weet van niks, maar den dikke is weer mee:
1 taffelen (overg.; taffelde, h. getaffeld) (gew.) slaan, ranselen – (1899) nevenvorm van toffelen
Dat is dus niet wat we zoeken. Maar daaronder zegt den dikke:
2 taffelen (onoverg.; taffelde, h. getaffeld) tjaffelen (zie ald.)
Allen daarheen dus:
tjaffelen (overg.; tjaffelde, h. getjaffeld) (gew.) 1. strompelen, var. taffelen 2. struikelen, var. taffelen 3. (fig.) niet opschieten, sukkelen (met een of ander werk), var. taffelen 4. tegen ongeluk en tegenspoed worstelen, var. taffelen, syn. sukkelen – (1844 'struikelen') iteratief van het klanknabootsend gevormde tjaffen
Het is dus dat taffelen dat blijkbaar ook als tjaffelen gekend is dat vandaag de titel Woord van de dag krijgt. En ik was er weer eens zeker van dat dat een dialectwoord was. Hoe dan ook, ik ben er zeker van dat Pietel dat woord van zijn wederhelft heeft opgepikt en dat dat niet standaard in zijne vocabulair was opgenomen.
Ik gebruik taffelen en klommelen wel eens door mekaar. Nagenoeg synoniemen. Al is taffelen net ietske breder dan klommelen. Taffelen kunt ge gebruiken als het betrekking heeft op iemand die beweegt. Bijvoorbeeld iemand die moeite heeft om een berg op te wandelen. Dan kunt ge zeggen: Ziet die daar eens taffelen. Ziet die daar eens klommelen, klinkt mij niet helemaal correct in mijn oren. Ander voorbeeld: iemand krijgt de auto moeilijk gefileparkeerd. Dan kunt ge zeggen: Miljaar, wat is die aan het taffelen, weer een vrouw zeker. Klommelen hier gebruiken ter vervanging klinkt mij weeral foutief in de oren, evenals het laatste stuk van die zin.
Tot daar het Woord van de dag. Dank u voor uw aandacht.