
Uw Moeder geeft geschiedenisles. Opletten kinders, straks overhoring!
Richard Sorge (1895-1944), jongste zoon van een Duitse vader en een Russische moeder, opgegroeid in Duitsland. In 1914 gaat hij het leger in om mee te vechten met de Duitsers. In 1916 raakt hij gewond, ontdekt tijdens zijn revalidatieperiode Marx en de communistische ideologie, en wordt lid van de Duitse Communistische Partij.
Zijn politieke overtuigingen kosten hem z’n job en hij vertrekt naar Moskou waar hij aan de slag kan bij Comintern. Hij wordt ook aangeworven als spion voor de Sovjet-Unie en krijgt door de jaren heen verschillende opdrachten. Hij gaat dikwijls undercover als journalist van een of andere Duitse krant en weet met zijn charismatische karakter gemakkelijk vertrouwen te winnen bij “de vijand”.
In 1933 krijgt Sorge de opdracht om in Japan een spionagenetwerk op te richten. Hij werkt zich binnen in nazikringen en krijgt een job als journalist op de Duitse ambassade in Yokohama, Tokio, op dat ogenblik een nazinest. Op die manier kan Sorge de Russische militaire inlichtingendienst van cruciale Duitse info voorzien. Tegelijkertijd kan Sorge aan belangrijke geheime informatie van de Japanse overheid komen, die op dat moment op gespannen staat met de Sovjet-Unie.
De aanvang van WO II maakt Sorge’s werk intensiever en gevaarlijker, maar hij blijft ervoor gaan, door zijn communistische overtuiging. De Japanse geheime dienst begint echter onraad te ruiken en arresteert Sorge in oktober 1941. De Duitsers zijn verontwaardigd, want overtuigd van Sorge’s onschuld.
De Japanners denken eerst dat Sorge informatie verzamelde voor de Duitsers, maar Duitsland blijft dit, logischerwijs en naar waarheid, ontkennen. Daarop denken de Jappen dat Sorge voor de Sovjet-Unie werkt. Sorge wordt gemarteld, maar geeft nooit iets toe. Langs de andere zijde blijven de Russen beweren nooit van een Richard Sorge te hebben gehoord.
Sorge wordt op 7 november 1944 opgehangen in de Sugamo-gevangenis van Tokio. Pas in 1964 erkent de Sovjet-Unie Richard Sorge officieel als een van z’n dienaars.
Ziezo. Tot daar, in een notendop. Kijk, dat vind ik nu eens een interessant stukske geschiedenis. En dat moet Isabel Kreitz ook gedacht hebben want ze goot de laatste maanden van Richard Sorge in een strip, De meesterspion, Stalins ogen in Tokio.
Helaas ben ik niet bijster overtuigd door het resultaat. Kreitz gebruikt (best vakkundige) potloodtekeningen, maar ge krijgt maar zelden het gevoel dat ge in Japan zit. Wat kleur zou deze strip zeker deugd doen. Door alleen die grijstinten is het allemaal wat saai, eentonig en nogal Deutsch. Terwijl we toch in het Verre Oosten vertoeven.
Nog erger, Kreitz legt de nadruk in haar album niet juist. Naar mijn gevoel focust ze teveel op wat voor een overtuigende spion Sorge was, en hoe de stress hem uiteindelijk de das om deed, en toont ze veel te weinig hoe belangrijk Sorge’s spionagewerk voor de Sovjet-Unie was.
Dat leest ge pas achteraf in het essay van journalist Frank Giese. En ‘t is pas als ge dat essay leest dat ge de hele Richard Sorge-historie naar waarde weet te schatten. Wat jammer is. Ge zoudt de strip toch ook moeten kunnen lezen zonder dat essay erbij, nee?
Ook jammer dat het Japans in de tekstballonnen niet van een vertaling werd voorzien.
Score: 2,5/5 (over de quotering)
Koop De meesterspion.
(De meesterspion, Stalins ogen in Tokio, Isabel Kreitz, 160 blz., uitgegeven bij Oog & Blik/De Bezige Bij)
Lees verder…